Uitspraak in het Plat: /jɔː͡ɐduːzənt/
zelfstandig naamwoord
Afbreking: Johr·du·send
Pluralis: Johr­du­senden n dat Johr­du­send
[1]
geavanceerde woordenschat
Nedersaksisch:
Tiet von 1.000 Johren
Nederlands:
Engels:
Duits:
Voorbeelden:
Wi leevt in dat drüdde Johrdusend na Christus.

Etymologie:

Samengesteld woord gevormd door: Johr + dusend