Uitspraak in het Plat: /bɾɔːttʊfəl/
zelfstandig naamwoord
Afbreking: Braad·tuf·fel
Pluralis: Braad­tuf­fels f de Braad­tuf­fel Friesen-groep
Pluralis: Braad­tuf­feln f de Braad­tuf­fel
[1]
geavanceerde woordenschat
Voorbeelden:
Braadtuffels mag ik to geern eten!

Etymologie:

Samengesteld woord gevormd door: braden + Tuffel