Uitspraak in het Plat: /sviːnfɪʃ/
zelfstandig naamwoord
Afbreking: Swien·fisch
Pluralis: Swien­fi­sch m de Swien­fi­sch
[1]
perifere woordenschat
biologische species
Nederlands:
Engels:
Duits:
Voorbeelden:
Swienfisch sünd goorkeen Fisch.

Etymologie:

Samengesteld woord gevormd door: Swien + Fisch