Uitspraak in het Plat: /stɔːt͡sklɛɪ̯t/
zelfstandig naamwoord
Afbreking: Staats·kleed
Pluralis: Staats­kle­der n dat Staats­kleed
[1]
perifere woordenschat
Nedersaksisch:
Duits:

Etymologie:

Samengesteld woord gevormd door: Staat + Kleed