Uitspraak in het Plat: /bɔtɐlɪkɐ/
zelfstandig naamwoord
Afbreking: Bot·ter·li·cker
Pluralis: Bot­ter­li­ckers m de Bot­ter­li­cker
[1]
geavanceerde woordenschat
biologische species
Nedersaksisch:
Nederlands:
Engels:
Duits:
Voorbeelden:
Dor flüggt en Botterlicker!
[2]
geavanceerde woordenschat
figuratief
Nedersaksisch:
Nederlands:
Engels:
Duits:

Etymologie:

Samengesteld woord gevormd door: Botter + licken + -er