zelfstandig naamwoord
Afbreking: Pum·mel
Pluralis: Pum­mels m de Pum­mel
[1]
geavanceerde woordenschat
Nedersaksisch:
Nederlands:
Engels:
Duits:
Voorbeelden:
Dat Kind is en lütten Pummel, aver dat wasst sik noch wedder rut.
[2]
perifere woordenschat
Nedersaksisch:
Identieke woorden ››› Pümmel ❔︎