Wöörbook

verdere vertaling voorstellen
ankamen
(/ˈanˈkɔːm̩/, werkwoord, Nedersaksisch)
[1]kaart
002 003 006 007 008 009 011 010 025 028 019 018 020 049 004 021 005 026 033 048 092 099 093 040 032 094 047 015 022 043 031 068 097 098 100 095 109 096 035 069 070 034 063 065 073 062 016 001 074 036 041 101 075 082 042 067 066 044 116 115 081 080 072 061 071 050 024 030 029 013 014 078 051 077 079 060 054 017 052 064 053 105 103 102 104 106 107 083 084 085 108 086 087 027 037 038 088 110 111 058 112 091 076 089 090 113 059 057 046 114 039 045 056 012 023 055 117 118

Dialektinformationen:

    groen: wordt er gebruikt;     rood: wordt er niet gebruikt;     wit: geen informatie

Betekenis:

Nedersaksisch:
anlangen

Engels:
arrive
Engels:
reach

Duits:
ankommen gem
Duits:
angelangen

Voorbeelden:

[1]
Ik bün jüst eerst ankamen, ik heff noch nich mal mien Kuffer utpackt.
[2]kaart
002 003 006 007 008 009 011 010 025 028 019 018 020 049 004 021 005 026 033 048 092 099 093 040 032 094 047 015 022 043 031 068 097 098 100 095 109 096 035 069 070 034 063 065 073 062 016 001 074 036 041 101 075 082 042 067 066 044 116 115 081 080 072 061 071 050 024 030 029 013 014 078 051 077 079 060 054 017 052 064 053 105 103 102 104 106 107 083 084 085 108 086 087 027 037 038 088 110 111 058 112 091 076 089 090 113 059 057 046 114 039 045 056 012 023 055 117 118

Dialektinformationen:

    groen: wordt er gebruikt;     rood: wordt er niet gebruikt;     wit: geen informatie

Betekenis:

Nedersaksisch:
beröhren[b/v]

Duits:
berühren[b/v]

Voorbeelden:

[1]
Du muttst nich an ’n Tuun ankamen, de is frisch streken.
[3]kaart
002 003 006 007 008 009 011 010 025 028 019 018 020 049 004 021 005 026 033 048 092 099 093 040 032 094 047 015 022 043 031 068 097 098 100 095 109 096 035 069 070 034 063 065 073 062 016 001 074 036 041 101 075 082 042 067 066 044 116 115 081 080 072 061 071 050 024 030 029 013 014 078 051 077 079 060 054 017 052 064 053 105 103 102 104 106 107 083 084 085 108 086 087 027 037 038 088 110 111 058 112 091 076 089 090 113 059 057 046 114 039 045 056 012 023 055 117 118

Dialektinformationen:

    groen: wordt er gebruikt;     rood: wordt er niet gebruikt;     wit: geen informatie

Betekenis:

Nedersaksisch:
passeren

Duits:
passieren
Duits:
zustoßen

Voorbeelden:

[1]
Wat is em denn ankamen? He süht ja gresig ut!
[4]kaart
002 003 006 007 008 009 011 010 025 028 019 018 020 049 004 021 005 026 033 048 092 099 093 040 032 094 047 015 022 043 031 068 097 098 100 095 109 096 035 069 070 034 063 065 073 062 016 001 074 036 041 101 075 082 042 067 066 044 116 115 081 080 072 061 071 050 024 030 029 013 014 078 051 077 079 060 054 017 052 064 053 105 103 102 104 106 107 083 084 085 108 086 087 027 037 038 088 110 111 058 112 091 076 089 090 113 059 057 046 114 039 045 056 012 023 055 117 118

Dialektinformationen:

    groen: wordt er gebruikt;     rood: wordt er niet gebruikt;     wit: geen informatie

Betekenis:

Nedersaksisch:
emotional anlangen

Engels:
touch[b/v]

Duits:
berühren[b/v]

Voorbeelden:

[1]
He wull sik dat nich anmarken laten, wo dull em dat ankamen weer.
[5]kaart
002 003 006 007 008 009 011 010 025 028 019 018 020 049 004 021 005 026 033 048 092 099 093 040 032 094 047 015 022 043 031 068 097 098 100 095 109 096 035 069 070 034 063 065 073 062 016 001 074 036 041 101 075 082 042 067 066 044 116 115 081 080 072 061 071 050 024 030 029 013 014 078 051 077 079 060 054 017 052 064 053 105 103 102 104 106 107 083 084 085 108 086 087 027 037 038 088 110 111 058 112 091 076 089 090 113 059 057 046 114 039 045 056 012 023 055 117 118

Dialektinformationen:

    groen: wordt er gebruikt;     rood: wordt er niet gebruikt;     wit: geen informatie

Betekenis:

Nedersaksisch:
an wat ranrecken

Duits:
herankommen

Voorbeelden:

[1]
Ik kann dor nich ankamen!
[6]kaart
002 003 006 007 008 009 011 010 025 028 019 018 020 049 004 021 005 026 033 048 092 099 093 040 032 094 047 015 022 043 031 068 097 098 100 095 109 096 035 069 070 034 063 065 073 062 016 001 074 036 041 101 075 082 042 067 066 044 116 115 081 080 072 061 071 050 024 030 029 013 014 078 051 077 079 060 054 017 052 064 053 105 103 102 104 106 107 083 084 085 108 086 087 027 037 038 088 110 111 058 112 091 076 089 090 113 059 057 046 114 039 045 056 012 023 055 117 118

Dialektinformationen:

    groen: wordt er gebruikt;     rood: wordt er niet gebruikt;     wit: geen informatie

Betekenis:

Nedersaksisch:
von wat afhängen

Engels:
depend[b/v]

Duits:
ankommen gem[b/v]
Duits:
abhängen[b/v]

Voorbeelden:

[1]
Dat kummt op dat Weder an. Wenn dat goot is, denn fangt wi mit de Aust an.
[7]kaart
002 003 006 007 008 009 011 010 025 028 019 018 020 049 004 021 005 026 033 048 092 099 093 040 032 094 047 015 022 043 031 068 097 098 100 095 109 096 035 069 070 034 063 065 073 062 016 001 074 036 041 101 075 082 042 067 066 044 116 115 081 080 072 061 071 050 024 030 029 013 014 078 051 077 079 060 054 017 052 064 053 105 103 102 104 106 107 083 084 085 108 086 087 027 037 038 088 110 111 058 112 091 076 089 090 113 059 057 046 114 039 045 056 012 023 055 117 118

Dialektinformationen:

    groen: wordt er gebruikt;     rood: wordt er niet gebruikt;     wit: geen informatie

Betekenis:

Nedersaksisch:
en Stääd finnen

Duits:
eine Stellung finden

Voorbeelden:

[1]
Ik heff Glück hatt. As ik mien Arbait verloren heff, kunn ik gau wedder annerwegens ankamen.
[8]kaart
002 003 006 007 008 009 011 010 025 028 019 018 020 049 004 021 005 026 033 048 092 099 093 040 032 094 047 015 022 043 031 068 097 098 100 095 109 096 035 069 070 034 063 065 073 062 016 001 074 036 041 101 075 082 042 067 066 044 116 115 081 080 072 061 071 050 024 030 029 013 014 078 051 077 079 060 054 017 052 064 053 105 103 102 104 106 107 083 084 085 108 086 087 027 037 038 088 110 111 058 112 091 076 089 090 113 059 057 046 114 039 045 056 012 023 055 117 118

Dialektinformationen:

    groen: wordt er gebruikt;     rood: wordt er niet gebruikt;     wit: geen informatie

Betekenis:

Nedersaksisch:
boren warn

Engels:
be born

Duits:
geboren werden

Voorbeelden:

[1]
Bi Meiers is en lütten Jung ankamen.

Etymologie:

samenstelt uit an + kamen

Werkwoordsvorm:

[b/v]