Höl­tern­tüf­fel in het Nedersaksisch

Uitspraak: /ˈhœl·tɐnˌtʏ·fəl/
zelfstandig naamwoord
Afbreking: Höl·tern·tüf·fel
Plural: Höl­tern­tüf­feln m de Höl­tern­tüf­fel
Beeld, dat de onderbeduiding illustreerd
Tobiasgp, CC BY-SA 3.0
[1]
geavanceerde woordenschat
actief
Nedersaksisch:
Duits:

Etymologie:

Samensteld woord gevorms door: höltern + Tüffel