ver­dwarst in het Nedersaksisch

Uitspraak: /fəɾˈdva͡ɐst/
bijvoegelijk naamwoord
Afbreking: ver·dwarst
verdwersder verdwersdst
[1]
perifere woordenschat
Nedersaksisch:
Duits:

Etymologie:

Samensteld woord gevormd door: ver- + dwars + -t