A­le­wee in het Nedersaksisch

Uitspraak: /ɔː·ləˈvɛː/
zelfstandig naamwoord
Afbreking: A·le·wee
Niet gebruikt het pluralis n dat A­le­wee
[1]
perifere woordenschat
naam van en biologische species
Nedersaksisch:
Duits: