Kloot­smie­ten in het Nedersaksisch

Uitspraak: /ˈklɔu̯tˌsmiːtn̩/
zelfstandig naamwoord
Afbreking: Kloot·smie·ten
Niet gebruikt het pluralis n dat Kloot­smie­ten
[1]
perifere woordenschat
Nedersaksisch:
Nederlands:
Duits:

Etymologie:

Samensteld woord gevormd door: Kloot + smieten