Blee­witt in het Nedersaksisch

Uitspraak in het Plat: /ˈblɛɪ̯ˌvɪt/
zelfstandig naamwoord
Afbreking: Blee·witt
Niet gebruikt het pluralis n dat Blee­witt
[1]
geavanceerde woordenschat
Nedersaksisch:
Soort Farvstoff
Engels:
Duits:

Etymologie:

Samensteld woord gevormd door: Blee + witt