kott­beent in het Nedersaksisch

Uitspraak: /ˈkɔtˌbɛːnt/
bijvoegelijk naamwoord
Afbreking: kott·beent
kurtbeinder kurtbeindst
[1]
perifere woordenschat
Nedersaksisch:
Engels:
Duits:

Etymologie:

Samensteld woord gevormd door: kott + Been + -t