Port­wien in het Nedersaksisch

Uitspraak: /ˈpɔ͡ɐtˌviːn/
zelfstandig naamwoord
Afbreking: Port·wien
Plural: Port­wien m de Port­wien
[1]
geavanceerde woordenschat
Nedersaksisch:
Nederlands:
Engels:
Duits:

Etymologie:

Woord afleidt van: Wien