Sin­g­sang in het Nedersaksisch

Uitspraak in het Plat: /ˈzɪŋˌzank/
zelfstandig naamwoord
Afbreking: Sing·sang
Niet gebruikt het pluralis m de Sin­g­sang
[1]
geavanceerde woordenschat
Nedersaksisch:
Engels:
Duits:

Etymologie:

Samensteld woord gevormd door: singen + Sang