jüs­te­man­g in het Nedersaksisch

Uitspraak: /ˈjʏs·təˌmaŋ/
bijwoord
Afbreking: jüs·te·mang
[1]
geavanceerde woordenschat
Nedersaksisch:
Duits:

Etymologie:

Samensteld woord gevormd door: jüst + -mang