Wes­tern in het Nedersaksisch

Uitspraak: /ˈvɛs·tɐn/
zelfstandig naamwoord
Afbreking: Wes·tern
Plural: Wes­terns m de Wes­tern
Beeld, dat de onderbeduiding illustreerd
Public domain
[1]
geavanceerde woordenschat
actief
TV
Nedersaksisch:
Film, de in 'n middeln Westen von de USA speelt
Nederlands:
Engels:
western
Duits: