Brüd­del in het Nedersaksisch

Identieke woorden ››› Bruddel ❔︎
Uitspraak in het Plat: /ˈbɾʏ·dəl/
zelfstandig naamwoord
Afbreking: Brüd·del
Niet gebruikt het pluralis m de Brüd­del
[1]
perifere woordenschat
Nedersaksisch:
Nederlands:
Duits:

Etymologie:

Woord afleidt van: brüddeln