Kon­to in het Nedersaksisch

Uitspraak in het Plat: /ˈkɔn·tɔ/
zelfstandig naamwoord
Afbreking: Kon·to
Pluralis: Kontos n dat Kon­to
[1]
geavanceerde woordenschat
Nedersaksisch:
Geldinlaag bi en Bank
Nederlands:
Engels:
Duits:
Voorbeelden:
Ik heff 9000 Euro op’t Konto.