Schaap­melk in het Nedersaksisch

Uitspraak in het Plat: /ˈʃɔːpˌmɛlk/
zelfstandig naamwoord
Afbreking: Schaap·melk
Niet gebruikt het pluralis f de Schaap­melk
[1]
perifere woordenschat
Nedersaksisch:
Nederlands:
Engels:
Duits:

Etymologie:

Samensteld woord gevormd door: Schaap + Melk