Qua­drat­miel in het Nedersaksisch

Uitspraak: /kvaˈdɾɔːtˌmiːˑl/
zelfstandig naamwoord
Afbreking: Qua·drat·miel
Plural: Qua­drat­mie­len f de Qua­drat­miel
[1]
perifere woordenschat
Nedersaksisch:
Nederlands:
Engels:
Duits:
Examples:

Etymologie:

Samensteld woord gevormd door: Quadrat + Miel