Wiek­bild in het Nedersaksisch

Uitspraak in het Plat: /ˈviːkˌbɪlt/
zelfstandig naamwoord
Afbreking: Wiek·bild
Pluralis: Wiekbiller n dat Wiek­bild
[1]
perifere woordenschat
Nedersaksisch:
Stadt, Stadtrecht, Stadtbild
Nederlands:
Duits:

Etymologie:

Samensteld woord gevormd door: Wiek + Bild