Litt­te­ken in het Nedersaksisch

Uitspraak: /ˈlɪtˌtɛːkn̩/
zelfstandig naamwoord
Afbreking: Litt·te·ken
Plural: Litt­te­kens n dat Litt­te­ken
[1]
perifere woordenschat
Nedersaksisch:
Engels:
Duits:
Mal
Examples:

Etymologie:

Samensteld woord gevormd door: Litt + Teken