Mo­der­spraak in het Nedersaksisch

Uitspraak in het Plat: /ˈmɔu̯·dɐˌspɾɔːˑk/ 🔊︎
zelfstandig naamwoord
Afbreking: Mo·der·spraak
Pluralis: Moderspraken f de Mo­der­spraak
[1]
geavanceerde woordenschat
Nedersaksisch:
Nederlands:
Engels:
Duits:

Etymologie:

Samensteld woord gevormd door: Moder + Spraak