Do­den­sand in het Nedersaksisch

Uitspraak: /ˈdɔu̯dn̩ˌzant/
zelfstandig naamwoord
Afbreking: Do·den·sand
Niet gebruikt het pluralis m de Do­de­sand
[1]
perifere woordenschat
Nedersaksisch:
Sand, de to fien is för Mürgerarbeiden

Etymologie:

Samensteld woord gevormd door: Doden + Sand