Mill­jard in het Nedersaksisch

Uitspraak: /mɪlˈja͡ɐ/
zelfstandig naamwoord
Afbreking: Mill·jard
Plural: Mill­jar­den f de Mill­jard
[1]
geavanceerde woordenschat
Nedersaksisch:
1.000.000.000
Nederlands:
Engels:
Duits:
Examples: