Jant­je in het Nedersaksisch

Uitspraak: /ˈjant·jə/
zelfstandig naamwoord
Afbreking: Jant·je
Niet gebruikt het pluralis m gebruikt zonder lidwoord
[1]
perifere woordenschat
is een eigennaam
Nedersaksisch:
Duits:

Etymologie:

Samensteld woord gevormd door: Jan + -tje