Ün­ner­tass in het Nedersaksisch

Uitspraak in het Plat: /ˈʏ·nɐˌtas/
zelfstandig naamwoord
Afbreking: Ün·ner·tass
Pluralis: Ünnertassen f de Ün­ner­tass
[1]
geavanceerde woordenschat
Nedersaksisch:
Nederlands:
Engels:
Duits:
Voorbeelden:

Etymologie:

Samensteld woord gevormd door: ünner + Tass