Fahl in het Nedersaksisch

Plural: Fah­len n dat Fahl
Beeld, dat de onderbeduiding illustreerd
GaitedHorses (talk) Original uploader was GaitedHorses at en.wikipedia, CC-BY-SA-3.0
[1]
geavanceerde woordenschat
actief
Nedersaksisch:
Nederlands:
=
veulen
Engels:
=
foal
Duits:
=
Fohlen