Slacht­feld in het Nedersaksisch

Uitspraak: /ˈslaxtˌfɛlt/
zelfstandig naamwoord
Afbreking: Slacht·feld
Plural: Slacht­fel­ler n dat Slacht­feld
[1]
geavanceerde woordenschat
Nedersaksisch:
Engels:
Duits:
Examples:
He is as Soldaat op’t Slachtfeld bleven.

Etymologie:

Samensteld woord gevormd door: Slacht + Feld