veer­kan­tig in het Nedersaksisch

Uitspraak in het Plat: /ˈfɛɪ̯ɾˌkan·tɪç/
bijvoegelijk naamwoord
Afbreking: veer·kan·tig
geen trappen van vergelijking
[1]
geavanceerde woordenschat
Nedersaksisch:
Nederlands:
Engels:
Duits:
Voorbeelden:
De Disch is veerkantig.
[2]
geavanceerde woordenschat
figuratief
Voorbeelden:
He is en veerkantigen Keerl!

Etymologie:

Samensteld woord gevormd door: veer + kantig