Uitspraak in het Plat: /ˈzɛtˌtiːt/
zelfstandig naamwoord
Afbreking: Sett·tiet
Pluralis: Setttieden f de Sett­tiet
[1]
perifere woordenschat
Nedersaksisch:
Duits:

Etymologie:

Samensteld woord gevormd door: setten + Tiet