Uitspraak in het Plat: /fiːnknɔːkɪç/
bijvoegelijk naamwoord
Afbreking: fien·kna·kig
fienknakiger fienknakigst
[1]
perifere woordenschat
Nedersaksisch:
Nederlands:
Engels:
bird-boned Meer tonen
Duits:
feingliedrig Meer tonen
Voorbeelden:

Etymologie:

Samengesteld woord gevormd door: fien + Knaak + -ig