an­ner­siet in het Nedersaksisch

Uitspraak: /ˈa·nɐˌziːˑt/
bijwoord
Afbreking: an·ner·siet
[1]
geavanceerde woordenschat
Nedersaksisch:
Duits:

Etymologie:

Samensteld woord gevormd door: anner + Siet