ge­gen­ö­ver in het Nedersaksisch

Uitspraak in het Plat: /ˈɡɛːɡn̩ˌøː·vɐ/
bijwoord
Afbreking: ge·gen·ö·ver
[1]
geavanceerde woordenschat
Nedersaksisch:
Nederlands:
Engels:
Duits:

Etymologie:

Samensteld woord gevormd door: gegen + över