Ku­sen­pien in het Nedersaksisch

Uitspraak in het Plat: /ˈkuːsn̩ˌpiːn/
zelfstandig naamwoord
Afbreking: Ku·sen·pien
Niet gebruikt het pluralis m de Ku­sen­pien
[1]
perifere woordenschat
Nedersaksisch:
Nederlands:
Engels:
Duits:

Etymologie:

Samensteld woord gevormd door: Kuus + Pien