We­ten­mehl in het Nedersaksisch

Uitspraak in het Plat: /ˈvɛːtn̩ˌmɛːl/
zelfstandig naamwoord
Afbreking: We·ten·mehl
Pluralis: Wetenmehl n dat We­ten­mehl
[1]
geavanceerde woordenschat
Nedersaksisch:
Nederlands:
Engels:
Duits:
Voorbeelden:
Dat Broot is ut Wetenmehl backt.

Etymologie:

Samensteld woord gevormd door: Weten + Mehl