Goorn­stieg in het Nedersaksisch

Uitspraak in het Plat: /ˈɡɔː͡ɐnˌstiːç/
zelfstandig naamwoord
Afbreking: Goorn·stieg
Pluralis: Goornstieg m de Goorn­stieg
[1]
perifere woordenschat
Nedersaksisch:
Nederlands:
Engels:
Duits:
Voorbeelden:
De lütte Goornstieg föhrt na uns Fischdiek.

Etymologie:

Samensteld woord gevormd door: Goorn + Stieg