Uitspraak in het Plat: /dɔu̯dn̩bɪdɐ/
zelfstandig naamwoord
Afbreking: Do·den·bid·der
Pluralis: Do­den­bid­ders m de Do­den­bid­der
[1]
perifere woordenschat

Etymologie:

Samengesteld woord gevormd door: Doden + bidden + -er