Feld­steen in het Nedersaksisch

Uitspraak in het Plat: /ˈfɛltˌstɛːn/
zelfstandig naamwoord
Afbreking: Feld·steen
Pluralis: Feldsteen m de Feld­steen
[1]
geavanceerde woordenschat
Nederlands:
Engels:
Duits:

Etymologie:

Samensteld woord gevormd door: Feld + Steen