Uitspraak in het Plat: /ɾɔu̯tvʊst/
zelfstandig naamwoord
Afbreking: Root·wust
Pluralis: Root­wüst f de Root­wust
[1]
geavanceerde woordenschat
Nedersaksisch:
Nederlands:
Engels:
Duits:

Etymologie:

Samengesteld woord gevormd door: root + Wust