Ach­ter­mann in het Nedersaksisch

Uitspraak: /ˈax·tɐˌman/
zelfstandig naamwoord
Afbreking: Ach·ter·mann
m de Ach­ter­mann
[1]
geavanceerde woordenschat
Nedersaksisch:
Duits:

Etymologie:

Samensteld woord gevormd door: achter + Mann