Wa­ter­kopp in het Nedersaksisch

Uitspraak in het Plat: /ˈvɔː·tɐˌkɔp/
zelfstandig naamwoord
Afbreking: Wa·ter·kopp
Pluralis: Waterköpp m de Wa­ter­kopp
[1]
geavanceerde woordenschat

Etymologie:

Samensteld woord gevormd door: Water + Kopp