Pe­dal in het Nedersaksisch

Uitspraak: /pɛˈdɔːl/
zelfstandig naamwoord
Afbreking: Pe·dal
Plural: Pe­da­len n dat Pe­dal
[1]
geavanceerde woordenschat
Nederlands:
Engels:
Duits:
Examples:
Pett man onnig in’e Pedalen!
[2]
geavanceerde woordenschat
Nederlands:
Engels:
Duits:
Examples: