Uitspraak in het Plat: /anbɛɪ̯dɐ/
zelfstandig naamwoord
Afbreking: An·be·der
Pluralis: An­be­ders m de An­be­der
[1]
geavanceerde woordenschat
Voorbeelden:
De junge Fro hett en Barg Anbeders.

Etymologie:

Samengesteld woord gevormd door: anbeden + -er