von­daag in het Nedersaksisch

Uitspraak in het Plat: /fɔnˈdɔːˑç/ 🔊︎
bijwoord
Afbreking: von·daag
[1]
basiswoordenschat
Nedersaksisch:
Nederlands:
Engels:
Duits:
Voorbeelden:
[2]
geavanceerde woordenschat
Nedersaksisch:
Nederlands:
Engels:
Duits:
Voorbeelden:

Etymologie:

Samensteld woord gevormd door: von + Dag