zelfstandig naamwoord
Afbreking: Fud·der
Niet gebruikt het pluralis n dat Fud­der
[1]
geavanceerde woordenschat
Nedersaksisch:
Nederlands:
Engels:
Duits:
Voorbeelden:
De Köh bruukt noch Fudder.
[2]
perifere woordenschat
Nedersaksisch:
Duits:
Identieke woorden ››› füdder ❔︎