dunn­to­maal in het Nedersaksisch

Uitspraak: /ˈdʊnˌtɔu̯·mɔːl/
bijwoord
Afbreking: dunn·to·maal
[1]
geavanceerde woordenschat
Nedersaksisch:
Duits:

Etymologie:

Samensteld woord gevormd door: dunn + to + Maal