acht­teihn in het Nedersaksisch

Uitspraak: /ˈaxtˌtaɪ̯n/
telwoord
Afbreking: acht·teihn
[1]
geavanceerde woordenschat
Nedersaksisch:
18
Nederlands:
Engels:
Duits:

Etymologie:

Samensteld woord gevormd door: acht + teihn