Bunds­land in het Nedersaksisch

Uitspraak in het Plat: /ˈbʊndsˌlant/
zelfstandig naamwoord
Afbreking: Bunds·land
Pluralis: Bundslänner n dat Bunds­land West-Grupp, Westfälisch
Pluralis: Bundslannen n dat Bunds­land
[1]
geavanceerde woordenschat
Nedersaksisch:
Nederlands:
Engels:
Duits:
Voorbeelden:

Etymologie:

Samensteld woord gevormd door: Bund + Land